NIEUWS / BLOG

‘Een rondje langs de velden’: Nicolaas Geijer

Samen met koplopers van binnen en buiten de landbouw zet Stichting Voedselbosbouw belangrijke stappen voorwaarts om een vruchtbare bodem te creëren voor de voedselbosbouw in Nederland. Als onderdeel van het programma Duurzame Doorbraak Voedselbosbouw maken zij zich sterk voor de missie om in vijf jaar minstens honderdvijftig hectare voedselbossen te realiseren op landbouwgronden. Wie zijn deze voedselbospioniers? In de rubriek ‘Een rondje langs de velden’ stellen wij hen aan jullie voor. In deze aflevering is het woord aan Nicolaas Geijer (23) van Voedselbos Baarle-Nassau. “Mijn generatie vindt het in de toekomst waarschijnlijk heel vanzelfsprekend dat er voedselbossen zijn.”

Nicolaas Geijer bij zijn voedselbosperceel - foto's: Marcia Arredondo Rivera


Steeds meer boeren raken ervan overtuigd dat voedselbosbouw een veelzijdig en grensverleggend alternatief kan bieden voor gangbare teelten in de landbouw. Eén van hen is Nicolaas Geijer. Op het eerste gezicht niet een heel voor de hand liggende keuze. Want hoe komt een geboren Hagenaar en jonge natuurkundige ertoe in Brabant een voedselbos aan te planten? Dat zaadje werd al tijdens zijn studie geplant, legt Nicolaas uit. “Ik raakte tijdens mijn studie steeds meer ‘afgeleid’. Mijn gedachten werden beheerst door vraagstukken, die ik ook wel omschrijf als een tweekoppige draak. Zo worden aan de ene kant de gevolgen van de klimaatverandering zichtbaar en neemt tegelijkertijd de enorme tweedeling in de wereld toe. Gaandeweg groeide mijn belangstelling voor de alternatieve landbouw en agro-ecologie, omdat ik geloofde dat hier mogelijk een oplossing lag voor beide vraagstukken. Ik doe nu een Master Sustainable Development in Utrecht en dat sluit hierop een stuk beter aan.”


Van ‘bèta’ naar voedselbosboer

Tijdens zijn zoektocht ontdekte Nicolaas de voedselbosbouw. “Van alle soorten teelten is voedselbosbouw misschien wel de meest elegante en stabiele manier om mens en natuur met elkaar te verenigen. De kracht van een voedselbos is het meegaan met de natuur. In de conventionele landbouw wordt erg veel energie gestoken in het beheersen van de natuur. Terwijl de mens juist nederig moet zijn en de natuur haar gang moet laten gaan. We grijpen in natuurlijke processen in en zijn de ‘kunst van het micro-managen’ verleerd, waarbij we slechts hier en daar een klein beetje hoeven bijsturen.” In een voedselbos trekken mens en natuur juist gebroederlijk op en dat is een concept waar de jonge academicus als een blok voor is gevallen. “Als echte bèta - ik heb ook nog een tijdje wiskunde gestudeerd - is de theorie achter het voedselbos voor mij van een grote schoonheid. Het verhaal klopt als een bus en is gebaseerd op een krachtige formule. Ik kan het weliswaar niet wiskundig onderbouwen, maar alles wijst erop dat voedselbosbouw een kansrijke manier is om op een andere manier landbouw te bedrijven. Door als mens een stap terug te doen en nederig te observeren wat er gebeurt als je het menselijk ingrijpen tot een minimum beperkt, kunnen we voedselsystemen ontwerpen die de ecosystemen waar we van afhankelijk zijn niet ondermijnen, maar ondersteunen.”


Zijn eerste stappen als voedselbosboer zette de geboren Hagenaar in het Brabantse Overloon. Hiermee ging een lang gekoesterde wens van zijn familie in vervulling, vertelt hij. “Mijn vader is landbouwattaché en mijn ouders hebben allebei in Wageningen gestudeerd. Landbouw is een thema dat in ons gezin regelmatig ter sprake komt. Ook bestond de wens om ooit een stukje bos te bezitten en dat te beheren.” En zo geschiedde: in de herfst van 2019 kon Nicolaas in de buurt van Overloon een stukje grond van drie hectare kopen; op een kleine hectare plantte hij een voedselbos. “Het was een goedkoop stukje grond dat net gerooid was en zo kon ik relatief eenvoudig zelf een klein voedselbos aanplanten.” Niet veel later liep hij Stijn Heijs, bestuurslid van Stichting Voedselbosbouw, tegen het lijf. “Via de stichting ontmoette ik ook andere voedselbospioniers en kon ik met hen over mijn ideeën sparren. Dat kleine voedselbos is er nog steeds en doet het, zeker gezien de omstandigheden, heel goed. Het bevindt zich op arme zandgrond en ik ben, als eerste ervaring, best tevreden met een overlevingspercentage van 60 tot 70 procent zonder ondersteuning in het voorjaar.”


Het verbinden van de natuur in Brabant

Stijn wees Nicolaas op een pilot waarvoor het Groen Ontwikkelfonds Brabant (GOB) in hetzelfde jaar het startsein had gegeven. Het GOB - een provinciaal fonds dat tot doel heeft natuurgebieden in Brabant met elkaar te verbinden door ontwikkeling van nieuwe (ondernemende) natuur - was op zoek naar initiatiefnemers die een toekomstbestendig voedselbos willen ontwikkelen. Niet als een experiment, maar als project dat het fundament moet leggen voor een nieuw verdienmodel. Het fonds stelde 22,5 hectare grond beschikbaar op vijf locaties - Baarle-Nassau, Hooge en Lage Mierde, Putte en twee locaties in Den Bosch - voor de inrichting en exploitatie van een voedselbos. Al deze gronden liggen binnen, of grenzen aan het Natuurnetwerk Brabant. Op 8 juli 2020 werd de locatie in Baarle-Nassau gegund aan Nicolaas. Met het plan dat hij na de aanplant van het voedselbos in Overloon had uitgewerkt, legde hij de kiem voor Voedselbos Baarle-Nassau op een perceel van ruim zes hectare. “Dit stuk grond was ooit een akker en is hierna als grasveld voor koeien gebruikt. Het werd van Staatsbosbeheer gepacht door een boer die er zo’n vijftien koeien liet grazen.”

Het perceel waar Voedselbos Baarle-Nassau wordt aangeplant


Van grasland tot voedselbos

Op deze plaats moet in de komende jaren een rijk productievoedselbos verrijzen, waarmee Nicolaas het nabijgelegen, natte natuurgebied ‘Het Merkske’ wil versterken. De oogsten van onder meer fruit en noten wil hij uiteindelijk verwerken in producten als jams, sappen, kastanjemeel en notenmelanges. Nicolaas: “Het Merkske wordt gekenmerkt door een vrij natte natuur waar bosranden overgaan in waterpartijen en hierop heb ik het ontwerp afgestemd. In het ontwerpplan zijn veel van deze oorspronkelijke ideeën zichtbaar. Aanvankelijk wilde ik een rationeel voedselbos aanplanten, zodat gemakkelijk kan worden geoogst. Tegelijkertijd was ik bang dat het voedselbos door het aanplanten van te veel rechte rijen eentonig zou worden. Doordat we de bestaande hoogteverschillen als uitgangspunt hebben gebruikt voor het ontwerp is echter een mooie gelaagdheid ontstaan. We zitten nu nog in de pioniersfase: we experimenteren met verschillende soorten en afstanden om te kijken wat wel en niet werkt. Op deze manier kan dit voedselbos ook fungeren als een kweekvijver voor andere boeren die overwegen deze stap te zetten.”


Een nieuwe generatie boeren

De ontwerpers - Jan Hein Ruijgrok en Peter van Oort - hebben het definitieve ontwerp van Voedselbos Baarle-Nassau inmiddels in nauw overleg met Nicolaas voltooid. De bestaande windsingels op het perceel zijn al oud en groot, waardoor er in november meteen kan worden begonnen met de aanplant van eetbare soorten. “Het is een groot voordeel dat er al een houtwal met eiken om het perceel staat die de wind tegenhoudt. We gaan de komende herfst nog meer windsingels aanplanten en verwachten tussen zestig en zeventig procent van alle soorten te kunnen aanplanten: van bamboe, bessenstruiken tot klimmers en kleinfruit, zoals kiwi’s en druiven. Met de kruidachtige soorten wil ik wachten tot de bodem rijker is, zodat we hiervoor een beter microklimaat hebben gecreëerd”, legt Nicolaas uit. Inmiddels staat een klein legertje vrijwilligers uit de omgeving van Baarle-Nassau ‘te popelen’ om de spade in de grond te steken. Mijn vrienden en familie zijn erg enthousiast en willen graag helpen planten.”


Nu zijn plannen in vervulling gaan, is de 23-jarige Nicolaas samen met Mark Venner van het Leuker Voedselbos in Baexem één van de jongste voedselbosboeren in Nederland. “Ik denk dat mijn leeftijd voor het Groen Ontwikkelfonds Brabant ook een belangrijke rol heeft gespeeld. Ik dacht eerst dat dit in mijn nadeel zou werken, omdat zij dit te risicovol zouden vinden. Nu denk ik dat ze het juist mooi vinden dat er iemand is die met het voedselbos ‘meegroeit’. Ik behoor tot de generatie voor wie het straks hopelijk heel vanzelfsprekend is dat er voedselbossen zijn.”

Uitgelicht
Recent