NIEUWS / BLOG

‘Een rondje langs de velden’: Patrick 't Hart

Samen met koplopers van binnen en buiten de landbouw zet Stichting Voedselbosbouw belangrijke stappen om een vruchtbare bodem te creëren voor de voedselbosbouw in Nederland. Met de uitvoering van het programma Duurzame Doorbraak Voedselbosbouw maakt zij zich sterk om in vijf jaar minstens honderdvijftig hectare voedselbossen te realiseren op landbouwgronden. Wie zijn deze voedselbospioniers? In de rubriek ‘Een rondje langs de velden’ stellen wij hen aan jullie voor. Het woord is aan Patrick ’t Hart (49), initiatiefnemer van Voedselbos Vierhoeven in Roosendaal. “We willen met dit voedselbos onze leefomgeving verbeteren én laten zien wat mogelijk is om anderen te inspireren.”

Voedselbospionier Patrick 't Hart in Voedselbos Vierhoeven


Aan de zuidrand van Roosendaal, ter hoogte van sportpark Vierhoeven, wordt Voedselbos Vierhoeven gerealiseerd door een samenwerkingsverband van Brabant Water, een groep omwonenden en Stichting Voedselbosbouw. Het voedselbos ligt in een groengebied van zo’n dertig hectare rond het drinkwaterstation van Brabant Water. Van dit groengebied zal acht hectare - verdeeld over twee percelen van drie en vijf hectare - worden benut voor de ontwikkeling van een voedselbos in het kader van het programma Duurzame Doorbraak Voedselbosbouw. Brabant Water wil onderzoeken of een voedselbos een rendabele vorm van landbouw is die tegelijkertijd zorgdraagt voor een vitale natuur, een gezonde bodem en goed is voor het grond- en drinkwater. Patrick ’t Hart is kartrekker van dit project en maakt deel uit van een kernteam van vier Roosendalers die zich hebben verenigd in Coöperatie Aardevol. De voorliefde voor de natuur zat er bij Patrick al vroeg in. In zijn kindertijd was hij vaak in het bos te vinden en als middelbare scholier wilde hij boswachter worden en biologie studeren. Al snel nam zijn levensloop echter een andere wending. Patrick studeerde bedrijfskunde in Tilburg, waarna een carrière in het bedrijfsleven lonkte.


Toch kroop het bloed waar het niet gaan kon en drong gaandeweg bij Patrick het besef door dat de manier waarop we werken, leven en consumeren scheurtjes begint te vertonen. “Ik zat jarenlang in een achtbaan waarin ik me richtte op mijn carrière en geld verdienen. Dat begon te schuren en zo’n twee jaar geleden kreeg ik steeds meer het gevoel dat het bestaande systeem, dat is gericht op ongebreidelde groei, barsten begint te vertonen. Ik vind de natuur nog steeds fascinerend; ik ben ervan overtuigd dat de mens ten onrechte denkt superieur te zijn en dat de natuur maakbaar is. We staan steeds verder van de natuur af en als we zo doorgaan, is er straks op de aarde geen plek meer waar we kunnen leven.”

Vrijwilligers aan het werk tijdens de plantdagen in februari 2021


Van onvruchtbare vlakte tot groene oase

Patrick verdiepte zich in agroforestry (‘boslandbouw’) en las over alternatieve vormen van landbouw die niet ten koste gaan van de natuur. Een kantelpunt was een film van John D Liu, een Chinees-Amerikaanse filmmaker en ecoloog. In 1995 filmde Liu een lössplateau in China, één van de meest weggespoelde plekken ter wereld. In deze onvruchtbare vallei werd de bevolking geteisterd door overstromingen, droogte en hongersnood. “Liu zag hoe de Chinese overheid probeerde een deel van het plateau om te vormen met een groot agroforestry-project”, vertelt Patrick. Toen hij tien jaar later opnieuw kwam filmen, zag hij hoe de verdorde vallei een groene oase was geworden. “Deze film laat zien wat het zelfherstellende vermogen is van de natuur en hoe de mens een positieve invloed kan uitoefenen op ecosystemen, in plaats van deze uit te putten”, zegt Patrick. “Ik kwam terug bij mijn voorliefde voor de natuur en als bedrijfskundige zag ik ook een nieuw verdienmodel voor me, waarbij ecologische, sociale en economische ontwikkeling hand in hand gaan. Via Stichting Voedselbosbouw maakte ik kennis met de principes van de voedselbosbouw. Ik volgde de Basiscursus Voedselbossen bij Wouter van Eck en Stijn Heijs. Het was Stijn die mij wees op de pilot van Brabant Water.”


Platform als inspiratiebron voor nieuwe voedselbossen

Hierna kwam alles in een stroomversnelling. In de afgelopen winter ging op de percelen van Brabant Water de schop de grond in. Coöperatie Aardevol tekent voor ontwikkeling, beheer en exploitatie van het voedselbos en krijgt ondersteuning van Stichting Voedselbosbouw. Naast Patrick wordt het kernteam gevormd door Annemieke Doomen, die vanuit haar professie betrokken is bij projecten gericht op innovatie en duurzame ontwikkeling - Mariëlle van Overveld - eigenaar van ‘Boer, winkel van het land’, een boerenlandwinkel in Roosendaal - en hovenier en landschapsontwerper Paul Samuels. Patrick: “We hebben zeer verschillende achtergronden, wat ons bindt, is dat we met dit voedselbos onze leefomgeving willen verbeteren. Tegelijkertijd willen we anderen inspireren door te laten zien wat er mogelijk is. Zo kan Coöperatie Aardevol in de toekomst ook een platform worden voor kennisdeling en ontwikkeling van vergelijkbare projecten in West-Brabant.”

Aan de zuidrand van Roosendaal wordt Voedselbos Vierhoeven gerealiseerd


Voedselbos Vierhoeven krijgt grotendeels een productiefunctie, terwijl één hectare speciaal wordt ingericht voor educatieve doelen. “Onder begeleiding van voedselbosontwerper Bastiaan Rooduijn en Stijn Heijs, werken we het ontwerp en verdienmodel uit en hebben we nagedacht over klantgroepen. Zo is het de bedoeling dat inwoners van Roosendaal lid worden van onze coöperatie op basis van een abonnement, zodat ze op termijn kunnen profiteren van onze opbrengsten. Ook hebben we contacten met grotere afnemers, zoals de cateraar van Brabant Water. Verder zijn we in gesprek met lokale restaurants en ‘specialty afnemers’, waaronder een bierbrouwer en een maker van theeproducten, die meerjarige kruiden willen afnemen als ingrediënten voor hun eindproducten”, legt Patrick uit. “Ook gaan we aandacht besteden aan educatie; zo willen we jonge en volwassen Roosendalers laten kennismaken met de principes van een meerjarig voedselsysteem, hen inspireren met duurzame vormen van voedselproductie en gezonde alternatieven voor bestaande voeding. We zijn in gesprek met het basis- en voortgezet onderwijs om te kijken welke projecten we kunnen ontwikkelen. Basisscholieren kunnen bijvoorbeeld opdrachten doen en werkstukken maken in en over ons voedselbos; mbo-studenten zouden onderzoek kunnen doen.”


Kweekvijver voor experimenten

In februari zijn de eerste vierhonderd bomen voor Voedselbos Vierhoeven aangeplant. Vijftien soorten bomen en struiken zullen uitgroeien tot windhagen die voor een gunstig microklimaat zorgen. In het vroege voorjaar is de grond ingezaaid met haver, bloemen en kruiden die de bodem verbeteren. “De grond was jarenlang in gebruik als akkerland. Om bomen te kunnen aanplanten, moet de grond enigszins worden voorbereid. We experimenteren hierbij met verschillende methoden. Zo hebben we in vier vakken verschillende éénjarige gewassen ingezaaid en is één vak met het bestaande raaigras ongemoeid gelaten. De vier andere vakken zijn ingezaaid met Sudangras - een graansoort die kan worden ingezet als groenbemester - stikstofbinders en bosplantsoen, een mengsel van reguliere bossoorten. Zo kunnen we zien welke voorbereiding het beste werkt.” Dat er veel bomen geplant worden, is wel duidelijk, want op het perceel passen ruim 16.000 bomen en struiken. “In het najaar maken we een keuze voor de soorten fruit, noten, paddenstoelen en meerjarige groenten en kruiden die we willen aanplanten. We verwachten dat de vleesconsumptie zal afnemen en dat de behoefte aan plantaardig voedsel gaat groeien. Met bomen, struiken en meerjarige planten zoals kastanjes, walnoten, nashiperen, bessen, olijfwilgen en daslook kunnen we ook uitstekend voorzien in onze behoeften aan eiwitten, koolhydraten en vitaminen in ons dieet.” Patrick ziet de toekomst met vertrouwen tegemoet. “In de komende vijf jaar willen we steeds kleine successen laten zien, zodat we kunnen aantonen dat dingen in beweging zijn. Ik verwacht dat we tegen die tijd het grootste deel van het voedselbosontwerp hebben aangeplant, inclusief het publieke deel. Ik zou het ook mooi vinden als we de technologie voor ons kunnen laten werken, bijvoorbeeld door drones over het voedselbos te laten vliegen, ter ondersteuning van het schouwen en oogsten. Ik geloof dat initiatieven pas echt duurzaam zijn als deze in ecologisch, sociaal en economisch opzicht met elkaar evenwicht zijn.”

Uitgelicht
Recent